Correcte borstvoeding: zo werkt het

Elk begin is moeilijk. Correct borstvoeding geven lukt niet altijd meteen. Met kennis over optimale aanleghoudingen en geschikte borstvoedingsposities wordt het een ontspannen tijd tussen moeder en kind.

Succesvol borstvoeding geven - een kleine gids

Zoals altijd in het leven, vereist een goede borstvoeding oefening. Idealiter wordt de mama aan het begin van de borstvoedingsperiode ondersteund door een ervaren vriendin of verloskundige. Ook als alle voorwaarden goed zijn - zoals de nodige rust en comfortabele houding ondersteund door een voedingskussen, evenwichtige voeding en een beetje geduld - kunnen er af en toe kleine hindernissen ontstaan die overwonnen moeten worden.

De mama kan vol vertrouwen rekenen op de regulerende krachten van de natuur. De eerste, soms pijnlijke ervaring is de massale melkafgifte in de eerste dagen, wanneer het colostrum opdroogt. Nu is het aan het kleintje om de mama te ontlasten door ijverig te drinken. Als daarentegen uit het niets de hoeveelheid melk onvoldoende blijkt te zijn, is dat vaak te wijten aan een groeispurt van de baby en de daarmee gepaard gaande toegenomen eetlust. De vraag bepaalt hier het aanbod. Als je je baby nu vaker aanzet, zal je na één of twee dagen merken dat een verhoogde hoeveelheid melk de balans herstelt. 
Een kleine tip: venkel-, komijn- en anijsthee bevordert de melkproductie en zorgt tegelijkertijd voor de nodige hydratatie.

Op de juiste manier borstvoeding geven: tips 

Om van de borstvoeding een succes te maken, kan je de volgende tips als leidraad gebruiken:

  • Maak het jezelf gemakkelijk

Als je borstvoeding geeft, moet je je altijd op je gemak voelen. Of je nu op de bank zit of in bed ligt, geef borstvoeding waar je je prettig voelt.  Een voedingskussen of zwangerschapskussen ontlast de armen en geeft steun. Als je zittend borstvoeding geeft, wil je misschien ook een voetenbankje gebruiken om je benen op te heffen en zo extra ondersteuning te bieden. Test wat voor jou het beste werkt.

  • Ondersteun je baby

Zorg ervoor dat het gewicht van je baby voornamelijk op je romp en armen rust, niet op je schoot. Het lichaam (hoofd, borst tot aan de knieën) is naar jou toe gericht en sluit goed aan zodat zij/hij het hoofdje niet opzij hoeft te draaien tijdens het drinken.

  • Correct aanleggen

Je kan je baby helpen bij het zuigen door je borst een beetje aan de voorkant in een ovale vorm samen te knijpen, zodat deze in de kleine mond past. Het kan nodig zijn de tepel een beetje samen te knijpen zodat hij samentrekt en rechtop komt te staan. Dit zal je baby helpen om het beter vast te nemen. Als je baby zijn/haar mondje niet uit zichzelf opent, kan je hem/haar lipjes lichtjes met de met moedermelk van de borst deppen om de nodige prikkels te geven.

  • De optimale borstvoedingspositie

Er zijn verschillende borstvoedingshoudingen die je kunt gebruiken om je baby borstvoeding te geven, elk met z’n eigen voordelen. In principe is de kant van de borst of tepel waar de kin van de baby zit, de kant waar hij of zij het meest zuigt. Als je scheurtjes, tepelkloven of andere pijnlijke plekken aan één kant van de borst of tepel hebt, kan de juiste borstvoedingshouding de pijn verminderen. Plaats je baby zo dat de kin aan de minder pijnlijke kant van de tepel zit. Hierdoor kan de zere kant beter herstellen en genezen. Voor meer tips over tepelverzorging met Bepanthen® Babyzalf tijdens de borstvoeding, kan je hier terecht.

  • Aan beide kanten borstvoeding geven

Je moet je baby altijd beide borsten aanbieden en idealiter afwisselend laten drinken. Dit helpt om ervoor te zorgen dat de melk gelijkmatig wordt geproduceerd. Wissel af binnen een maaltijd of tussen de afzonderlijke voedingsbeurten. Je moet altijd beginnen met de borst waar de baby het laatst gedronken heeft.

  • Het optimale borstvoedingsritme

Er bestaat niet zoiets als het optimale borstvoedingsritme, tenminste niet wanneer het aankomt op tijd. Natuurlijk is het fijn als je de baby stipt om de vier uur voedt en het tussendoor vrij rustig is. Op die manier zijn er genoeg herstelfasen voor de mama en kan je de dag goed plannen. Een ritme dat alleen op het tijdstip van de dag is gebaseerd, houdt echter geen rekening met de behoeften van de baby. Het is veel belangrijker om borstvoeding te geven naar behoefte. Op deze manier bepaalt alleen je baby het ritme. Hij voedt zich wanneer dat nodig is. Op die manier wordt het evenwicht tussen vraag en aanbod op een volkomen natuurlijke manier tot stand gebracht en gereguleerd. In de regel vinden babies na enkele weken vanzelf een redelijk regelmatig ritme van meestal twee tot vier uur.

Borstvoeding geven gaat niet altijd van een leien dakje. Het is daarom raadzaam om na ongeveer vier tot vijf dagen te checken of alles goed gaat of dat je eventueel advies nodig hebt van een verloskundige of lactatiekundige. De volgende vragen kunnen een richtlijn zijn:

  1. Voel je de melk terugkomen tussen de voedingen door en worden de borsten stevig en vol? Voelen ze merkbaar zachter aan na het geven van borstvoeding?
  2. Kan je kindje beide borsten goed vastpakken? Vertrouw niet op de ene borst die altijd werkt. Durf te switchen
  3. Hoor je je kindje hoorbaar slikken? Als je je baby borstvoeding geeft, moet je zachtjes geborrel en gesmak horen.
  4. Kan je baby ongeveer vijf tot tien minuten onafgebroken drinken? In het begin is het normaal dat de baby pauzes neemt, omdat borstvoeding ook geleerd moet worden. Het contact met de tepel mag echter niet verloren gaan
  5. Lijkt je baby vol en voldaan na de borstvoeding?